Maak de knolselderij schoon en snijd in grove stukken. Kook deze gaar in water met een beetje olijfolie. Pureer vervolgens de gegaarde selderij onder toevoeging van de room. Druk alles door een zeef en breng op smaak met boter en zout tot een smeuïge massa. Bewaar de knolselderij ‘rest’ die in de zeef achterblijven voor fixatie van de schelp op het bord. Bewaar de puree op de werkbank (want deze wordt op kamertemperatuur geserveerd).